Afgelopen maand is de voorjaarsnota gepubliceerd. In deze onzekere tijden, waarin we de naweeën van de coronacrisis nog goed kunnen voelen en de oorlog in Oekraïne grote impact heeft op onze economie, is deze nota over de uitgaven en inkomsten van het rijk van groot belang. Wij praten je graag bij en zetten de meest ingrijpende ontwikkelingen op een rijtje.

DGA & BV dichten het gat in de begroting

Uit de voorjaarsnota van afgelopen maand is gebleken dat het kabinet overweegt om onder anderen de belasting voor de besloten vennootschap (BV) en hun directeur-grootaandeelhouder (dga) te verhogen om zo de gaten in de begroting te dichten. De volgende wijzigingen kun je als dga verwachten.

-> Het verhogen van de gebruikelijk loonregeling

De gebruikelijk loonregeling is in het leven geroepen om ervoor te zorgen dat je als dga een  passende arbeidsbeloning opneemt uit de onderneming en daarover inkomstenbelasting afdraagt. Een dga mag op dit moment een loon van 75% van het loon van iemand uit ‘meest vergelijkbare dienstbetrekking’ aanhouden. Het vooruitzicht is dat dit percentage verhoogd wordt naar 85%, waardoor de dga mogelijk een hoger loon moet hanteren en meer inkomstenbelasting verschuldigd is.

-> Verlagen schijfgrens vennootschapsbelasting

Een BV is vennootschapsbelasting (vpb) verschuldigd over de belastbare winst. In 2022 bedraagt de belasting 15% van de belastbare winst tot € 395.000. Voor zover de winst hoger is dan dit bedrag, bedraagt de belasting 25,8%. Per 2023 wordt deze schijfgrens verlaagd naar € 200.000 waardoor een BV al eerder het hoge vpb-tarief van 25,8% verschuldigd is.

-> Invoeren tweeschijventarief Box 2

Wanneer de resterende winst vanuit de BV uitgekeerd wordt (dividend), ben je als dga inkomstenbelasting verschuldigd over deze uitkering. Momenteel wordt dit inkomen in box 2 belast met een tarief van 26,90%. In de voorjaarsnota is de introductie van twee schijven aangekondigd. De eerste € 67.000 zal belast worden tegen 26%, het resterende bedrag tegen een tarief van 29,5%.

Vervroeging van verhoging van het wettelijk minimumloon

Eerder heeft het kabinet aangegeven dat het wettelijk minimumloon (WML)  per 2025 met 7,5% verhoogd zou zijn. In de voorjaarnota is aangekondigd dat deze verhoging vervroegd wordt en het WML stapsgewijs verhoogd wordt met 2,5% in 2023 en 2024 en tot slot een verhoging van 2,32% in 2025. Hiermee moet dus rekening worden gehouden bij het vaststellen van de salarissen!  

Heffingsvrij vermogen wordt niet opgehoogd

Als belastingplichtige ben je in eerste instantie inkomstenbelasting verschuldigd over je bezittingen in box 3. Op dit moment is het zo dat deze bezittingen tot een bedrag van € 50.650 per persoon onbelast blijven (het heffingsvrij vermogen). Eerder, in het coalitieakkoord, is uitgesproken dit bedrag te verhogen naar € 80.000 per persoon. In de voorjaarsnota is aangekondigd dat deze wijziging geschrapt wordt en dat het heffingsvrij vermogen € 50.650 blijft.

Verhoging van de overdrachtsbelasting

Wanneer je in Nederland een pand of een stuk grond koopt, ben je doorgaans overdrachtsbelasting verschuldigd. Deze belasting bedraagt op dit moment 2% van de koopsom voor de eigen woning en 8% (het algemene tarief) voor alle andere onroerende zaken. Het algemene tarief wordt verhoogd naar 10,1%.

Het afschaffen van de fiscale oudedagsreserve

Door toepassing van de fiscale oudedagsreserve (FOR) kan een ondernemer fiscaal vriendelijk sparen zonder vermogensrendementsheffing en doormiddel van het recht op een fiscale aftrekpost. Met ingang van 2023 zal deze mogelijkheid worden afgeschaft waardoor er niet meer fiscaal gefacilieerd gespaard kan worden voor de oude dag. In de aangifte inkomstenbelasting over 2022 kan je dus voor het laatst doteren aan de FOR.

De algemene heffingskorting op de schop

De hoogte van de algemene heffingskorting is momenteel afhankelijk van het belastbaar inkomen uit werk en woning (box 1) en neemt af met het toenemen van dit inkomen. Vanaf 2025 gaat naast het box 1-inkomen ook het inkomen uit aanmerkelijk belang (box 2) en het inkomen uit sparen en beleggen (box 3) meetellen voor de afbouw van de algemene heffingskorting. Dit betekent dat de algemene heffingskorting voor veel belastingplichtigen verder zal dalen.

Verhoging van de onbelaste reiskostenvergoeding

In het coalitieakkoord werd het voornemen uitgesproken om de onbelaste reiskostenvergoeding, die op dit moment  € 0,19 per kilometer bedraagt, per 2024 te verhogen. In de voorjaarsnota is gepresenteerd dat deze verhoging vervroegd zal worden en dat deze per 2023 ingaat. Het is echter aan de werkgever om te besluiten of deze ook daadwerkelijk een hogere (onbelaste) vergoeding wil verstrekken.

Afschaffen schenkingsvrijstelling eigen woning

Met de huidige wetgeving is het, onder bepaalde voorwaarden, mogelijk om een bedrag van €106.671 belastingvrij te schenken als dit geld bedoeld is voor de aankoop of verbouwing van de eigen woning (de “jubelton”). Al eerder werd het voornemen uitgesproken om deze vrijstelling af te schaffen. Nu is besloten de vrijstelling per 2023 te verlagen naar € 27.231 en per 2024 volledig af te schaffen.

Al met al liggen er een aantal ingrijpende wijzigingen in het verschiet, allemaal besparende maatregelen die u als belastingbetaler gaan raken. Door tijdig te anticiperen op de deze veranderingen kan er mogelijk flink belasting bespaard worden. Naomi Schelling helpt u hier graag bij. 

Wellicht zijn deze artikelen ook interessant:

Compensatie van box 3-gedupeerden en de toekomst van box 3-heffing Veel MKB-ers zuchten onder schuldenlast: saneer op tijd!

Wellicht zijn deze artikelen ook interessant:

Wijziging overgangsregeling bij UBO-verplichting uitgesteld Zet tijdig FOR om in lijfrente voor premieaftrek in 2023